School of geen school

De grilligheid van de katholieke kalender zorgt ervoor dat de instapdata waarop peuters naar school mogen, elk jaar nogal veranderen. Moest onze dochter bijvoorbeeld een jaar later op dezelfde dag geboren zijn, dan mocht ze reeds na Pasen instappen. Dit jaar is ze daar echter welgeteld 1 dag te jong voor. En mag ze dus pas naar school half mei. Met Zoon was het nog een pak erger, die mocht pas begin juni instappen. 1 maand naar school en dan weer naar de crèche, dat vonden we eigenlijk een absurd idee en toen hebben we er dus voor gekozen om hem maar op 1 september te laten starten. En nu stelt die keuze zich dus weer. 

En opnieuw kies ik ervoor om die laatste instapdag te laten voor wat het is en onze meid in de crèche te houden tot september. Ze gaat dan wel eerder bijna 3 zijn dan 2,5, maar niemand zegt dat ze moeten starten op 2,5, enkel dat het mag vanaf dan. En in de andere landen starten ze meestal pas als ze 4 zijn, dus zo gek vind ik het niet om ze nog wat uit de school te houden. Het enige spijtige, is dat de Belgische crèches totaal niet voorzien zijn op oudere peuters. Ze zit al van haar eerste verjaardag in haar huidige leefgroep en het begint daar allemaal wat te klein en te saai voor haar te worden. Dat merk je heel goed wanneer we Zoon gaan afzetten in de klas, ze amuseert zich te pletter met het speelgoed in die klas, nochtans voorzien op 4 tot 6-jarigen. De laatste maanden in de crèche zullen dus wellicht niet de fijnste worden, ze mort bijna elke dag wel bij het afzetten ’s ochtends.

Toch weegt dat nadeel niet op voor mij. Hier de andere redenen waarom ik deze keuze maak:

  • ze is nog niet zindelijk. Volgens ons kan ze het perfect, maar ze heeft er nog geen zin in. En ik heb geen zin om er druk op te zetten. Veel kans dat we volgende maand nog eens een poging doen, maar lukt het niet dan laten we het gewoon weer enkele weken rusten. Geen druk.
  • naar school = ook naar de buitenschoolse opvang. Ze moeten daar te voet naartoe en ons mevrouwtje is een gevaar in het verkeer; ze wil geen handje geven en gaat waar ze zelf wil gaan. De opvang is ook best overweldigend voor de hele kleintjes. Alhoewel de kleuters in een aparte leefgroep zitten en dus niet samen met de 8 of 10-jarigen, zijn voor een 2.5-jarigen zelfs 4-jarigen al een beetje reuzen en bullebakken. In de opvang geldt nog meer dan in de school het recht van de sterkste. De kleintjes lopen daar wat verloren. Zoon is nu 4,5 en vindt er goed zijn weg, maar zelfs hij lijkt in die omgeving soms zo klein en kwetsbaar. Bovendien zijn het heel lange dagen met best wel wat stressmomenten waar de crèche veel rustiger en huiselijker is.
  • het moet verwarrend zijn op die leeftijd; 6 weken naar de school, enkele lange weekends en pedagogische studiedagen en dan toch weer naar de crèche voor de zomervakantie. Constant aanpassen.
  • In haar toekomstige klas zitten op dit moment 22 kindjes. Half mei komen er misschien nog bij. Op 1 september start ze in een (graad)klas met 12 kindjes. Dus veel kleiner, veiliger en meer aandacht van de begeleidster.
  • Ze is niet de meest talige. Over enkele maanden gaat ze beter kunnen duidelijk maken wat ze wil, wat ze voelt, grenzen kunnen aangeven, gevoelens benoemen. Op dit moment spreekt ze echt nog in 2 en 3-woord zinnen met veel haar op.
Advertenties

Een gedachte over “School of geen school

Reacties zijn gesloten.